Ik wil ook wat zeggen over het ‘nieuwe normaal’


We hebben ongetwijfeld nog nooit zoiets meegemaakt: eerst was er de lockdown-periode (en daar zitten we nog steeds een beetje in), nu volgt langzaam de tweede fase: terugkeren naar hoe de wereld ooit was. Al is vrijwel iedereen er zeker van dat het heel lang gaat duren voordat het weer een beetje gewoon-gewoon is – áls dat überhaupt al gebeurt. Er wordt gesproken over het nieuwe normaal: de aanpassingen die blijvend zullen zijn of de effecten van de lockdown die here to stay zijn.

Ik praat in het dagelijks leven met mensen door heen Europa. Van over de hele wereld zelfs. Iedereen zegt hetzelfde: dit is een crisis, we moeten hier doorheen, zoiets gebeurt maar één keer in je leven. Toch?

Niet om pessimistisch te zijn, maar ik weet het nog net zo niet met dat “één keer in je leven”.

Het wordt steeds duidelijker dat de manier waarop we de afgelopen jaren leefden en nú nog steeds leven de wereld (inclusief wijzelf) beschadigd heeft. Dat bedoel ik qua natuur en effecten op het milieu, maar ook lichamelijk en mentaal: denk aan overgewicht en psychische problematiek.

De afgelopen weken heb ik afwisselend gedeinsd op positieve en negatieve gedachten. In eerste instantie vond ik de hele situatie nogal onwerkelijk. Daarna kwam een soort berusting en een “let’s do this!” mentaliteit. Omschakelen was het devies. Ik herstructureerde mijn ochtendroutine en mijn werkplan. Sommige dagen kwam er niets uit me. Andere momenten was ik vastberaden om er iets van te maken, ondanks het vele binnen zitten.

Corona-pluspunten

De effecten van het niet vliegen, weinig autorijden, het niet-toeristje spelen en het sluiten van fabrieken waren zichtbaar vanuit de ruimte. De luchtkwaliteit verbeterde over vrijwel de hele wereld.

Omdat iedereen moest thuiswerken, en de kids ook thuis waren, zag ik de kinderen van collega’s ineens door het beeld stuiteren. Leuk. Ook het zien van hun werkplekken en interieurs was tof. Er was (is) begrip voor elkaar, we begrijpen dat het niet keihard deadlines halen is. Dat de situatie van ons allemaal z’n offers en omschakelingen vraagt. Zakelijk werd ineens heel menselijk.

We waren vindingrijker dan ooit op het sociale vlak: verjaardagsvisite werd een toeterende autostoet, kraamvisite ging via het raam, er kwamen felicitatiefilmpjes voor verjaardagen, jubilarissen, zoveel-jaar-getrouwd-dagen. We stuurden kaartjes, pakjes en beeld-belden tot we erbij neervielen.

Er kwam daadwerkelijk respect en letterlijk applaus voor de mensen die het land draaiende houden: we noemden ze zelfs ‘vitale beroepen’. Ik had nog nooit van die term gehoord.

De rijen bij de afvalverwerkingsstations waren lang, omdat we serieus onze fysieke omgeving bekeken en besloten dat we teveel zooi in huis hadden. Dat er al te lang onafgemaakte klussen lagen. Ons huis werd een 24-uurs-thuis en we deden ons best er een werkbare, fijne plek van te maken.

Minder leuke kanten

Maar er vielen me ook andere – minder positieve – dingen op:

We sloten fysieke winkels en gingen vervolgens net zo hard online verder. Was er echt niemand die dacht “misschien moet ik gewoon even niets kopen?” of “ik heb [dit wat ik wilde kopen] eigenlijk helemaal niet nodig”?

Het egoïstische paniekshoppen werd tijdelijk de nieuw norm. Er gingen mensen met tientallen rollen toiletpapier naar buiten en houdbare producten waren niet aan te slepen. Grijpen, grijpen, grijpen. Uit angst vooral, maar desondanks bleef er voor de verpleger die ’s avonds na z’n shift nog boodschappen moest doen, maar weinig over.

Huiselijk geweld nam toe, net als burenruzies.

Er ontstond onenigheid over de steunfondsen en financiële maatregelen in binnen- en buitenland. Ministers kwamen er niet uit met elkaar. Wat ‘hulp’ voor de één betekentde zag de ander als ‘verkwistend’ of geldverspilling. En over de versoepeling van de lockdown en de daarbij behorende regels was ook lang niet iedereen het eens.

Maar nu: het nieuwe normaal

Wat meer dan eens helder geworden is, is dat we niet alleen leven op deze wereld. En – als je het mij vraagt – is dit ook de grootste wake-up call ever dat we het niet geweldig goed hebben gedaan de afgelopen tijd. Ik denk dat we ons dagelijks leven echt moeten veranderen. Ik hoop dat deze dingen een onderdeel gaan zijn van het nieuwe normaal: het verschil zien tussen luxe en noodzaak, aandacht voor de belangrijke dingen in het leven (geen nieuwe auto, maar een baan die je hart vult), een respect voor de wereld om ons heen in z’n totaliteit: mens, klimaat, dier, natuur.

In plaats van de hoeveelheid luxeproducten te verhogen en overal maar méér méér méér van te hebben, moeten we ons richten op het produceren van noodzakelijke dingen voor de samenleving. Medicatie, hulpgoederen, bijstand voor wie er tussen wal en schip valt. Laten we niet reizen naar de andere kant van de wereld, maar dichtbij op zoek gaan naar onszelf.

“The ultimate measure of a man is not where he stands in moments of comfort and convenience but where he stands in times of challenge and controversy.”

Martin Luther King Jr.

We moeten niet zo snel mogelijk terug naar de wereld van voor Corona. Niets leren van deze situatie is het allerstomste dat we als mensheid kunnen doen. Dan blijft het echt niet bij deze “ene keer”. Ik hoop dat er over 30 of 50 jaar in de geschiedenisboeken (boeken, who am I kidding? online) staat te lezen dat de coronacrisis een keerpunt vormde in de geschiedenis. Dat we er als mensheid beter uitkwamen. Socialer. Liefdevoller. maar vooral: zorgzamer, vriendelijker voor mens en planeet en bewust van de effecten van onze persoonlijke keuzes en de keuzes van onze maatschappij.

En laten we tenslotte beseffen hoe kostbaar het leven is. Het leven van iedereen, niet alleen dat van onszelf, van ons gezin, onze partijgenoot of de persoon met dezelfde nationaliteit of hetzelfde ideaal.

Het nieuwe normaal, dat zijn we allemaal.

Stort gerust je hart uit in de comments en deel je gedachten/visie!

Fotocredits: Martin Adams